INTERVIEW Stijn Bex (spirit)
zondag 1 april 2007, door david dessers
Spirit levert voor het eerst een schepen in Leuven. Met welke attitude zijn jullie in dat bestuur gestapt? Louis Tobback en zijn ploeg zijn goed bezig dus willen wij erbij zijn, of, wij willen wel deelnemen maar dan moet het beleid bijgestuurd worden op een aantal punten?
Stijn Bex: "Tijdens de campagne heb ik eigenlijk geen enkele partij horen beweren dat Leuven tijdens de voorbije twaalf jaar slecht werd bestuurd. Ook wij stellen vast dat Leuven in die periode een echte gedaanteverandering heeft doorgemaakt, van een provincienest naar een stad die de naam hoofdstad van Vlaams-Brabant waard is. Betekent dit dat we geen punten zien waarop het beleid echt wel kan verbeteren? Integendeel. Zo willen wij bijvoorbeeld van Leuven een modelstad maken op het vlak van interculturaliteit, het samenleven van mensen met verschillende culturele achtergronden. Deze stad is daarvoor een prachtige biotoop, met de aanwezigheid van heel wat internationale studenten en migrantengemeenschappen, maar zonder de echte grootstedelijke problemen die we elders zien opduiken. Die situatie biedt een unieke kans en we moeten die grijpen. Spirit trekt ook nationaal die kaart, met parlementsleden als Fouad Ahidar of Fauzaya Talhaoui en Wouter Van Bellingen als schepen in Sint-Niklaas. In Leuven bouwden we daarop voort, met schepen Mohamed Ridouani en gemeenteraadslid Sabah Mahani. In heel Vlaanderen bestaat er nog een enorme achterstand op de arbeidsmarkt en in het onderwijs bij mensen van voornamelijk Marokkaanse en Turkse afkomst. Wel, wij willen ervoor zorgen dat die achterstanden weggewerkt worden over een periode van vijf tot tien jaar. Leuven moet een modelstad worden op het vlak van interculturalteit.”
Wat bedoel je precies met het begrip ’modelstad’?
Stijn Bex: "Dat wil zeggen dat Leuven voorloopt op de rest van Vlaanderen. Als je kansen op de arbeidsmarkt of in het onderwijs enorm verkleinen enkel omdat je ouders of je grootouders vanuit een ander land naar België verhuisden, dan willen wij dat Leuven de stad wordt die aantoont dat het anders kan. Er zijn ook een heleboel barrières die doorbroken moeten worden. Toen ik een vijftiental jaar geleden bij de Jozefieten naar school ging, kende ik eigenlijk geen enkele jongere van allochtone origine. Die zaten allemaal in het Redingenhof. Mohamed Ridouani woonde verdorie in mijn straat. Ik heb hem pas leren kennen toen ik op zoek ging naar allochtone kandidaten voor de lijst en ik zijn naam doorkreeg van vrienden uit Antwerpen! Hij bleek op 150 meter van mijn deur te wonen. Daar moeten we iets aan doen. Mensen moeten elkaar echt leren kennen.”
Nog andere punten waarop jullie het verschil willen maken?
Stijn Bex: "Zeker, we willen van Leuven nog meer een echte bruisende stad maken. Misschien is Leuven wel een beetje ingedommeld. Ook de relatie met de studenten vormt op dat vlak een goede indicator. Vroeger kwamen studenten naar Leuven omdat het de tofste stad van Vlaanderen was, terwijl we nu vooral studenten aantrekken omdat je hier de hoogstwaardige diploma’s kan behalen. Studenten die echt voor een leuke stad kiezen, belanden vandaag eerder in Antwerpen, Gent of zelfs Brussel. Dat zegt wel iets.”
Hoe komt het dat Leuven op dat vlak is achteruit geboerd?
Stijn Bex: "Dat heeft met vanalles te maken. Het is zeker zo dat bijvoorbeeld Gent zich heel sterk profileert als een stad waar vanalles te beleven valt. Je moet er dus voor zorgen dat je meestapt in die evolutie. Als je geen koploper bent op dat vlak, trappel je ter plaatse. Dus moet je initiatieven nemen die de achterstand wat kunnen bijbenen, rekening houdend met het karakter van onze stad. Je hoeft van Leuven geen metropool maken. Maar, we moeten er wel nieuwe kansen creëren voor de stad.”
Staat de burgemeester niet zéér veraf van die zaken? Tonen zijn pogingen om bijvoorbeeld een sluitingsuur in te voeren niet juist aan dat hij van Leuven een doodbraaf stadje wil maken?
Stijn bex: „Het gaat voor mij helemaal niet over de figuur van Louis Tobback. Uiteraard zal hij niet op de eerste rij staan bij een optreden in het Depot. Uiteraard is hij niet de man die je in de vroege uurtjes op de Oude Markt tegen het lijf zal lopen. Maar dat hoeft ook niet. Louis heeft enorme kwaliteiten en het feit dat hij opnieuw met zoveel voorkeurstemmen verkozen werd, toont toch wel aan hoe breed het draagvlak voor zijn beleid is in Leuven. Ik heb hem de laatste jaren van dichtbij leren kennen. Als wij hem bijvoorbeeld aanspreken over het dossier van het Depot, voel ik steeds een grote openheid en bereidwilligheid. Louis Tobback vindt het even tof als wij dat Studio Brussel precies in Leuven ’Music for Life’ organiseerde. Trouwens, dat initiatief toont ook aan dat de heraanleg van het Martelarenplein heel geslaagd is. Mocht het stadsbestuur dat plein niet heraangelegd hebben, zou Studio Brussel er zelfs niet aan gedacht hebben om daar te gaan staan.”
Je hoort wel eens dat het cultuurbeleid in Leuven te sterk wordt ingepast in een project van citymarketing. Het resultaat is dan vaak nogal flauwe kost.
Stijn Bex: "Er is nu het plan van minister Anciaux om 450.000 euro subsidies vrij te maken voor het Depot. Said El Khadraoui is daar de gangmaker van. Dat geld is nodig om van het Depot een soort van Ancienne Belgique op maat van Leuven te maken. Louis Tobback vond het een sterk dossier en ondersteunt het volledig. Het is dus zeker niet zo dat de burgemeester op dat vlak een hinderpaal is. Dat project zal van het Depot een muzikale trekpleister maken voor heel de regio en zal Leuven terug goed positioneren op de culturele kaart. Dit is een voorbeeld van de weg die we moeten inslaan. Conclusie, er is werk aan de winkel, maar dat werk gebeurt vandaag wel. Dat project van het Depot is trouwens helemaal niet ingebed in citymarketing, het zal net muziek naar Leuven brengen die we hier tot nu toe weinig of niet live konden meemaken.
Uiteraard zijn er de grote culturele momenten tijdens de zomer, die voor een stuk ook mee de toeristische aantrekkingskracht van Leuven bepalen. Deze evenementen zorgen ervoor dat Leuven ook tijdens de zomermaanden geen slaapstad wordt. Daarnaast heb je toch ook projecten als De Molens van Orshoven, waar we tijdens deze legislatuur een echt kunstencentrum van willen maken. Voorts is er ook het STUK, waarvan ik net vind dat het misschien méér inspanningen zou moeten leveren om een breed publiek aan te spreken. De zomerevenementen in Leuven vind ik goed, maar ook daar zouden we origineler uit de hoek kunnen komen. Wat mij opvalt is dat bij de Gentse Feesten heel de stad mee is. In Leuven stel je vast dat het STUK of het Depot gesloten zijn tijdens festivals als Beleuvenissen of Marktrock. En dat terwijl het eigenlijk om prachtige momenten gaat waarop je een breder publiek zou kunnen laten kennismaken met de infrastructuur van bijvoorbeeld het STUK. Stel je voor dat je na afloop van de concerten van Marktrock een hele goede deejay programmeert in het STUK. Dat zou de deuren openen voor een heel nieuw publiek. Eigenlijk moet je ervoor zorgen dat er veel meer wisselwerking ontstaat tussen zogenaamde populaire en elitaire cultuur.Louis Tobback gaat zeker de man niet zijn die met al die voorstellen op de proppen zal komen. Maar hij staat er wel zeker voor open. En het zullen dan mensen als Said, Denise Vandevoort en -als ik even pretentieus mag zijn- ikzelf zijn die de gecreëerde ruimte zullen opvullen."
In Leuven kan je nauwelijks nog een betaalbare woning vinden. Vele jonge gezinnen verlaten om die reden onze stad. Wat kan je daar als stadsbestuur tegen beginnen?
Stijn Bex: "Dat is inderdaad een zeer belangrijk probleem. Op den duur moet je al met twee mensen op universitair niveau werken om hier nog een huis te kunnen kopen. Op die manier dreigen we een stad te worden van de happy few en gaat onze sociale mix helemaal verloren. Er is vandaag reeds sprake van een sociale verdringing die we echt wel moeten tegengaan. Dit gezegd, er is een woonbehoeftestudie gedaan over de situatie in Leuven. Daaruit bleek dat er nood is aan 15.000 bijkomende woningen in onze stad. Welnu, dat is onmogelijk zonder de stad onleefbaar te maken. Als je een invloed op de prijzen wilt hebben, moet je er eerst en vooral voor zorgen dat er zo’n groot mogelijk aanbod is aan huizen. Het is nu eenmaal een economische wet dat als het aanbod groeit, de prijs daalt. Op dat vlak heeft de stad echt wel een heleboel initiatieven genomen. Kijk naar het project van de Centrale Werkplaatsen, waar je op een oude en vervuilde site via stadsinbreiding honderden nieuwe woningen kan creëren. Kijk naar het project dat rond de Vaart in de steigers staat. Er is de Barbarasite in het stadscentrum... Het gaat om tientallen projecten, die Leuven een heel pak nieuwe woningen zullen opleveren. Daarnaast is er nood aan een goede sociale woningbouw. Op dat vlak kan je vaststellen dat bijvoorbeeld de vernieuwing van Sint-Maartensdal de levenskwaliteit in de woningen enorm zal opkrikken. Voor mij mogen er liefst nog wat extra middelen van de Vlaamse overheid komen om nog meer sociale woningen te bouwen. Voorts vind ik dat er in al die projecten een goed evenwicht moet bestaan tussen betaalbare koopwoningen en huurwoningen.”
Een woning in een project als de Centrale Werkplaatsen blijft toch wel duur. Vind jij die prijzen ’betaalbaar’?
Stijn Bex: "Vaak moet je inderdaad, zelfs voor een sociale koopwoning, een prijs betalen die eigenlijk enkel een tweeverdienersgezin kan ophoesten. Je zit nu eenmaal in een ontzettend dure marktomgeving. Ook de huurprijzen zijn veel te hoog. Ik denk dat we in de toekomst echt moeten ingrijpen. Dat kan bijvoorbeeld door private panden te verhuren via een sociaal verhuurkantoor. De eigenaar sluit dan een contract af met het verhuurkantoor, dat hem een vaste maandelijkse prijs waarborgt. Die prijs ligt dan lager dan de gewone marktprijs maar de eigenaar is wel elke maand zeker van zijn inkomsten, zonder dat hij er zich verder moet om bekommeren. Het sociaal verhuurkantoor kan dan op zijn beurt sociale standaarden hanteren bij het verhuren.”
Bestaat er vandaag in Leuven een sociaal verhuurkantoor?
Stijn Bex: "Het bestaat inderdaad, maar het moet verder uitgebouwd worden. Daarnaast is het duidelijk dat je die 15.000 woningen niet enkel in Leuven kan creëren. Ook de buurgemeenten moeten mee een inspanning leveren. In Herent zit spirit bijvoorbeeld mee in het bestuur. Daar staat er nu in de buurt van het station, aan de oude Henkelsite, ook een groot woonproject in de steigers. De gemeente Herent moet absoluut zijn landelijk karakter behouden. Maar het is wel goed dat het gemeentebestuur er zijn verantwoordelijkheid neemt en in de buurt van het station eveneens aan inbreiding doet. Via verschillende woonprojecten komen er daar in totaal meer dan duizend nieuwe woningen bij. Dat is een echte spirit-realisatie en het is absoluut de bedoeling om op die manier de druk op Leuven mee te verkleinen. Maar dat kan eigenlijk alleen maar lukken wanneer ook alle andere gemeenten rond Leuven hun verantwoordelijkheid nemen.”
Magda Aelvoet stelt dat al die nieuwe projecten op één punt ondermaats blijven; er wordt te weinig geinvesteerd in energie-efficiëntie, waardoor Leuven een enorme achterstand oploopt op het vlak van de strijd tegen de klimaatwijziging.
Stijn Bex: "Die klimaatuitdaging is inderdaad heel belangrijk en we moeten daar meer prioriteit aan geven. Alleen moet je het niet zo voorstellen alsof de stad bouwt op een onverantwoorde manier. Elk gebouw dat de stad neerzet, bantwoordt aan de strengste normen die op dit moment gelden.”
De vraag is waarom Leuven geen voortrekkersrol speelt op het vlak van hernieuwbare energie. In een stad als Delft werden er recent honderden daken uitgerust met zonnepanelen.
Stijn Bex: “We zouden daar inderdaad een grotere voortrekkersrol kunnen spelen, zeker als je de know how meerekent die aanwezig is aan de universiteit in onze stad. Onze stadsdiensten verhuizen binnenkort van totaal energie-inefficiënte gebouwen in het stadscentrum naar een nieuw gebouw aan het station. Dat gebouw heeft net een grote energie-efficiëntie met een sterke isolatie, een groendak en noem maar op. Alleen al het feit dat je die diensten in de buurt van het station vestigt, maakt dat je heel wat energie zult besparen. Wel is het zo dat we dat gebouw enkel hebben kunnen neerpoten, door een contract af te sluiten met KBC, die eigenaar van het gebouw is. Het gaat om een interessane financiële constructie, maar die impliceert dat wij geen volledige controle hebben over de inrichting van het gebouw. Ik heb er geen moeite mee om toe te geven dat de stad verder zou kunnen gaan en ik ben daar een voorstander van. Alleen zijn er nu éénmaal ook financiële grenzen. Als je zelf investeert in een huis, zal je merken dat er een hoog prijskaartje vasthangt aan het passief maken van je huis. Die kost verdien je achteraf natuurlijk wel terug, maar dat neemt niet weg dat je op het moment van de bouw toch over voldoende middelen moet beschikken. En dat geldt dus ook voor de stad.”
Waarom zou de Parkpoort eigenlijk moeten ondertunneld worden? Dat vragen een heleboel Leuvenaars zich vandaag af.
Stijn Bex: ”Sommigen vinden dat we elke poort moeten ondertunnelen, maar dat is volgens mij onbetaalbaar. Voor de Parkpoort is er een principiële toezegging voor steun vanuit het Vlaams gewest, maar als het aan spirit ligt dan kunnen die middelen beter naar een ondertunneling van de spoorwegovergang aan de Naamsesteenweg gaan. Daar dreigt de bareel binnenkort meer dicht te zijn dan open, en dreigt er dus echt een groot mobiliteitsprobleem.”
In verenigingen en organisaties hoor je nogal eens klachten over het gebrek aan inspraak in Leuven. Ook voorstanders van het beleid beweren wel eens dat het te veel ’voor het volk’ en te weinig ’door het volk’ is in Leuven. Kan een stad met zoveel goed opgeleide mensen daar niet veel verder ingaan?
Stijn Bex: "Een terechte opmerking. Spirit is een voorstander van bewonersparticipatie. Het is beter om mensen van bij de start van nieuwe projecten te betrekkken, zodat je ook hun expertise kan meenemen. Er loopt een interessant project rond inspraak in Leuven, namelijk “Kom op voor je wijk”, waarbij inwoners projecten voor hun buurt kunnen indienen bij het stadsbestuur. Als hun project geselecteerd wordt, komt er ook het nodige geld om het te realiseren. Het wijkcomité van Wilsele-Dorp is daar bijvoorbeeld erg bedreven in en heeft al op die manier al verschillende projecten gerealiseerd. Volgens mij moeten we tijdens de komende legislatuur dergelijke projecten versterken en beter promoten, gezien het initiatief steeds uit de buurt zelf komt. Iets van een hele andere orde is een bouwproject als de Kop van Kessel-Lo. Zo’n project moet zeker ook gepaard gaan met voldoende informatie en inspraak. Maar wie moet je bij een dergelijk project van bij de start betrekken? Enkel de buurtbewoners? Die moeten zeker gehoord worden, maar zo’n project is van belang voor de hele stad en niet enkel voor de twintig straten die er rond liggen. Daar is het wel logisch dat je eerst een goed project uitwerkt met de verschillende partners waarmee je moet werken; de NMBS, projectontwikkelaars, hogere overheden die subsidiëren... Dat is zo complex. Hetzelfde geldt voor de site van de Sint-Pieterskliniek. Je hebt daar een akkoord nodig met de universiteit, die eigenaar is van de gronden. Het is ondoenbaar om daar met een wit blad te starten en onmiddellijk burgerinspraak te organiseren. In dergelijke gevallen is spirit er een voorstander van om de verschillende mogelijke pistes voor te leggen aan de bevolking via een referendum. Alleen gaan we daar Louis Tobback nooit van kunnen overtuigen. Hij staat open voor vele dingen maar wijst referenda als beslissingsmethode resoluut af. De burgemeester gelooft zeer sterk in de vertegenwoordigende democratie. Volgens ons zou de bevolking zich nochtans perfect via een referendum kunnen uitspreken over een project als de Kop van Kessel-Lo met het aansluitende stadspark. Het zal zelfs tot een heel breed draagvlak voor dergelijke projecten leiden. Leg je dat project echter enkel voor aan de bewoners van de vijftig huizen uit de buurt, die voor hun deur een gebouw zien oprijzen van enkele verdiepingen hoog, zullen die dat natuurlijk afwijzen. Not in my backyard. Daarnaast hoop ik dat de opening van het stadskantoor kan leiden tot een zeer goede dienstverlening van de stadsdiensten naar de Leuvenaars. Mensen met een concrete vraag zouden via dat stadskantoor rechtstreeks naar de juiste diensten en mensen moeten doorverwezen worden. Indien een gepensioneerde informatie zoekt rond serviceflats, kan je die de info bezorgen over hoe hij of zij zich op een wachtlijst kan plaatsen. Maar je zou die persoon evengoed kunnen doorverwijzen naar een ambtenaar die kan uitleggen dat je door een aantal aanpassingen aan je woning te doen, misschien nooit een serviceflat zal nodig hebben. Dat soort van dienstverlening naar de bevolking hebben we nodig.”
Stel misschien spirit-Leuven nog eens voor aan onze lezers.
Stijn Bex: "Wij zijn een groep van voornamelijk jonge mensen die het in een kartel met de sp.a bijzonder goed hebben gedaan bij de jongste gemeenteraadsverkiezingen. Mohamed Ridouani, Sabah Mahani en ikzelf werden verkozen in de gemeenteraad. Met drie verkozenen in de gemeenteraad zijn we bijna even sterk als de VLD en Groen!. Dat is een quasi unicum in Vlaanderen. Wij willen dat dit ook opvalt in het beleid van de komende jaren. Spirit is net als de sp.a een progressieve partij, maar wij zijn wel “het peper en zout op de patatten”. Bij de gemeenteraadsverkiezingen combineerden we vijf sterke kandidaten op de sp.a-lijst met een goed programma, dat geen totaalprogramma was maar net enkele sterke aandachtspunten naar voor schoof. Dat heeft duidelijk gewerkt. Drie van de vijf werden verkozen en de kans is groot dat er in de loop van de legislatuur nog een vierde spiritist in de gemeenteraad komt. Anders dan in Gent, was spirit in Leuven mathematisch niet nodig voor sp.a en CD&V om een meerderheid te vormen. Maar we hadden wel de afspraak met de sp.a dat spirit een schepenmandaat zou krijgen indien we het goed deden. Met Mohamed Ridouani hebben we een heel goede schepen. Ik wil toch benadrukken dat hij pas 26 jaar is. Hij was een steile klim aan het maken bij een internationale consultingfrma, echt een jonge manager. Als schepen heeft hij nu de bevoegheid over personeelsbeleid, onderwijs, milieu, diversiteit en ontwikkelingssamenwerking. Dat maakt dat we nu een aantal van de punten uit onze campagne ook effectief kunnen hard maken.”