Groene long Parkveld sneuvelt
Geldenaaksebaan verstikt
Weldra zal Leuven 13 ha natuur minder tellen. Parkveld, nu nog landbouwgebied, wordt industrieterrein en woonzone. Zo verdwijnt een van de laatste groene randzones in Leuven. Het stadsbestuur verkoopt het ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP) aan de bevolking als een duurzaam, idyllisch bospark waarin de natuur met waterpartijen, poelen, planten en dieren hoog scoort. Wie nader toekijkt, ziet een schamel strookje natuur geprangd tussen bedrijven, woonblokken en rijhuizen. Over het toenemend verkeer waarin de Geldenaaksebaan, de belangrijkste ontsluitingsweg voor het project, dreigt te stikken, zwijgen sp.a en cd&v helemaal. Het nieuwe Parkveld is een voorbeeld van slechte ruimtelijke ordening.
Natuurplan Leuven onderuit
Het Leuvens Gemeentelijk Natuurontwikkelingsplan ( GNOP) stelt dat Parkveld een noodzakelijke “ groene corridor ” is die de migratie van dieren en planten tussen de abdij van het Park en Heverleebos verzekert. Met de aanleg van het industrieterrein en de woonzone blijft een schamele corridor van 150 m breedte over. Daarin worden dan nog eens appartementen van zes verdiepingen gebouwd. Door het vernietigen van Parkveld tast het stadsbestuur uiteindelijk een stuk natuur en open ruimte van 100 ha aan. Bij de laatste gewestplanherziening in 1998 pleitte het provinciebestuur van Vlaams-Brabant voor het stopzetten van de indringing van elke vorm van bebouwing in dit gebied. Het stadsbestuur had er geen oren naar en gaat bovendien regelrecht in tegen de basisoptie van het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen dat de open ruimte wil vrijwaren.
Milieurapporten niet nodig
Het stadsbestuur weerde systematisch alle milieurapporten die bezwarend zouden kunnen zijn voor het duurzaam groen etiket waarmee het nieuwe plan verkocht wordt.
Volgens Karin Brouwers, schepen van ruimtelijke ordening, is een milieu-effectenrapport (MER) bij de uitvoering van dit plan niet nodig. “Er zijn immers geen grote infrastructuuringrepen voorzien,” stelt ze. Nochtans gaat het over de aanleg van een bedrijventerrein van 10 ha en een woonzone van 3 ha. Ook een watertoetsplan is volgens haar niet nodig. Nochtans behoort de ondergrond van Parkveld tot het gevoelig waterwinningsgebied van de abdij van het Park.
Zelfs een mobiliteitseffectenrapport (MOBER) is hier niet aan de orde. Onbegrijpelijk !
Geldenaaksebaan slibt helemaal dicht
Deze ingreep, die woningen biedt voor 600 tot 700 mensen en het bestaande bedrijventerrein behoorlijk uitbreidt, zal heel wat meer verkeer opwekken. De bewoners van de Geldenaaksebaan smeekten het stadsbestuur de voorbije jaren om een alternatief voor het sluipverkeer te zoeken in hun smalle straat die meer en meer een uitvalsweg werd. Door de verzonken ligging van deze straat ter hoogte van de Parkabdij blijven de uitlaatgassen er hangen en is het wonen er al geruime tijd problematisch. Maar volgens schepen Karin Brouwers is er weinig aan de hand. “De verkeersafwikkeling die het nieuwe plan veroorzaakt”, zegt ze, “is een probleem dat later zal opgelost worden.” Een haast onleefbare straat dreigt door het nieuwe Parkveldproject helemaal dicht te slibben en te verstikken.
Wonen naast een industriezone
Het romantisch woonplaatje dat het stadsbestuur in zijn promotiefolder Mozaïek jrg 4 nr 1 naar voor schuift, oogt minder fraai dan het is. Tenslotte woon je immers naast een industrieterrein dat na uitbreiding meer dan 20 ha beslaat. De vraag rijst of de nabijheid van een ambachtelijke zone wel te rijmen valt met de grote woonzone zoals deze in het Parkveldplan voorzien is. Goederentransport, werknemers- en klantenverkeer, geur- en lawaaihinder zijn uitermate belastend voor het wonen. De zogenaamd groene bufferzone is onvoldoende om de uitgebreide woonbuurt hiertegen te beschermen. Wie in de nieuwe stapelappartementen op zijn ingegroend terras zit, kijkt o.a. uit op de dakparkings van het bedrijventerrein. In de binnenstad weert men bedrijven naast huizen, hier zet men ze weer samen.
Dat er ook woningen moeten sneuvelen bij dergelijk plan spreekt voor zich. Twee woningen in het gebied worden onteigend. Zeven woningen langsheen de Geldenaaksebaan worden zo goed als onleefbaar, want tussen de woningen en de ontsluitingsweg voor het bedrijventerrein rest er slechts een buffer van 30 meter. De Milieuraad ziet ook voor deze bewoners als enige oplossing de onteigening. Blijkbaar wist men binnen het stadsbestuur zelfs niet dat daar “mensen” woonden.
Slechte ruimtelijke ordening
In een dichtbevolkt gebied als Vlaanderen mag je als overheid niet morsen met open ruimte. Voor industrieterreinen geldt de stedenbouwkundige regel dat je eerst je oude bedrijfsterreinen weer leven moet inblazen, dan de bestaande verdichten en tenslotte misschien nieuwe kan aanleggen. Het Leuvens stadsbestuur doet net het omgekeerde. Het bestaande industrieterrein Haasrode is verre van volzet. Er zijn nog ruimschoots voldoende uitbreidingsmogelijkheden aan de kant van Haasrode en de Brabanthal. Verdichting kan ook. Enkel de mogelijke constructie van een nieuw voetbalstadion voor 20.000 toeschouwers vlakbij de Brabanthal zou de thans beschikbare ruimte beperken. Wie een waardevol groen gebied opoffert voor een megalomane sportdroom, morst met ruimte.
Wat voor industrieterreinen geldt, is ook waar voor woongebieden. In het ruimtelijk structuurplan Leuven (RSL) is opgenomen dat alle nieuwe woonontwikkelingsgebieden bij voorkeur inbreidingsgebieden moeten zijn. Het is dan ook onbegrijpelijk dat Parkveld, een open randgebied, wordt aangesneden vooraleer alle voorziene inbreidingen zijn ontwikkeld.
Structuurplan Leuven (RSL) staat op los zand
Het slordig stedenbouwkundig beleid van de stad Leuven komt door de vernietiging van een aantal essentiële delen door de Raad van State meer en meer op los zand te staan. De Raad van State vernietigde immers de plannen van Termunckveld en H.Hart-De Jacht. Het plan Arenberg ( researchpark Boudewijnlaan) zal waarschijnlijk volgen, want de auditeur gaf reeds een negatief advies. In de laatste twee gebieden werd evenwel gebouwd. Wat er staat, is dus onwettig. De ruimtelijke grondwet van Leuven verwordt tot een illegale vod. De vernietiging zet een rem op wat men nog wil bouwen. We kunnen alleen hopen dat Parkveld de weg van deze plannen mag volgen.
Slechte ruimtelijke ordening moet niet beloond worden. De burgemeester en zijn schepenen weten dit. In het eigen structuurplan (RSL) zeggen ze zelf : “ Zolang nieuwe bedrijventerreinen worden ontwikkeld, zal reconversie van de oude gebieden niet door de markt worden ondersteund. Alleen een schaarste aan nieuwe bedrijventerreinen opent perspectieven om de oude te herwaarderen”. Hetzelfde geldt voor woonzones.
De plannen Arenberg, Termunck en Parkveld staan haaks op wat in brede kringen goede ruimtelijke ordening genoemd wordt. We mogen ze niet aanvaarden.
Red Parkveld !
Overtuigd ?
Dien dan vóór 14 november je bezwaarschrift in bij de GECORO, Stadhuis Leuven. Voor een model bezwaarschrift mail naar marc.coolens tele2allin.be. Help ons financieel en stort uw bijdrage, hoe klein ook, op rekening van vzw Leuven Verkeer d/t 068-2134770-21 met vermelding “Red Parkveld”.
Burgers van Leuven, laat U niet langer misleiden door de glanzende, peperdure Mozaïekfolders van het stadsbestuur die U in “ingegroende” taal” ordinaire bedrijfsterreinen voor magische bosparken en romantische lofts verkopen.
Vrienden van Parkveld, Michel Demeyere, natuurgids
Comité Leefbare Geldenaaksebaan, Daniël Van Eygen, lid
Comité Vinkenbos
VZW Leuven Verkeer d/t, Marc Coolens, voorzitter
Dit bericht beantwoorden