vrijdag 11 april 2008, door wim merckx
Eén van de redenen waarom de vijf gewezen personeelsleden akkoord gingen was de moeilijke situatie van twee oud-collega’s. Beiden zijn boven de vijftig en vonden nog geen ander werk. Voor hen is het pijnlijk dat ze geen outplacement aanbod kregen. Die outplacement zou hen volgens de geest van de wet wel toekomen. De wet was namelijk bedoeld om mensen boven de 45 –die ontslagen werden- te helpen zoeken naar werk. Maar stadsadvocaat Beelen kreeg zicht op een hiaat in de wet, waardoor outplacement voor een vzw in vereffening niet strikt verplicht blijkt.
Alle vaste personeelsleden zijn ondertussen uitbetaald. De meesten zijn tevreden en werden uitbetaald naar de wettelijke normen. Enkelen - zij die al het langst in dienst waren - kregen slechts 6 maanden uitbetaald en niet de 8 of 10 maanden waar ze denken recht op te hebben. Een andere reden om het voorstel van de stad te aanvaarden, was namelijk dat een lange juridische procedure hierover geen zekerheid bood op succes.
In een reactie laat de vroegere coördinator van Recupc, Bart Douvenspeck, weten dat de zaak nog niet helemaal van de baan is zolang de beloofde informatie over de vereffening niet wordt vrijgegeven. “Pas dan zal blijken waar de centen voor de regeling met het personeel kwamen. Indien Leuven met extra geld over de brug kwam, wat waarschijnlijk is, dan was datzelfde geld beter besteedt aan een plan voor de redding van Recupc.”
Uit de vrij te geven informatie zal ook blijken of de tijdelijke contractuelen (vooral Web+) ook hun uitbetaling kregen. De gewezen bedienden noch de vakbonden hebben hier zicht op. De tijdelijke werkkrachten waren niet gesyndiceerd.