Deng Louis

Het is niet dat ondergetekende de grote transformatie van Leuven wil ontkennen. Ook niet dat er in essentie veel ten goede is veranderd.

Maar de genante lofzang op Louis Tobback in De Morgen (18/09/09) zette wel aan om het klavier te bestijgen, als we niet opletten worden we straks wakker met het standbeeld van Petit Napoléon voor onze neus. Het artikel deed terugdenken aan het strafste moment van Marktrock dit jaar, de foto in de krant (HLN) namelijk van Tobback Louis op de P-Magazine camping. Al stonden er maar drie tentjes, onze burgemeester was erbij om zijn deel van het zonlicht op te eisen: de stad had niet voor niets geïnvesteerd in het festival.

Maar met het artikel 'Louisville aan de Dijle' viel Walter Pauli bepaald uit zijn rol door de jubelende toon, of was het als satire bedoeld?

Over de fietsenparking aan het station: 'ze staan nu onder de grond, in een overdekte fietsenparking. (Zeer) groot, (zeer) goed onderhouden en (volstrekt) gratis bovendien'. Zo staat het er volstrekt, terwijl een beetje gebruiker van de parking weet dat je er dikwijls verdomd lang kan zoeken naar een leeg plekje. En een beetje wakkere mens kan nu al voorspellen dat de fietsenparking die er onder het Fochplein gaat komen, ook al snel over haar oevers zal stromen.

Schrijft Pauli over de werken aan de Kop van Kessel-Lo: 'dat er in Kessel-Lo geen volksopstand losbrak heeft zo zijn redenen. De voorlichting en informatie is bijvoorbeeld optimaal. Leuven geeft zelfs een heus tijdschrift uit over de eigen stadsvernieuwing: Mozaïek. Het is zo goed gemaakt dat men soms zou vergeten dat het een uitgave van de stad is ..." Heeft niet elke gemeente zijn infoblad dan?

Je kan gaan denken dat Pauli Leuven alléén kent via lectuur van de Mozaïek. Dat er in Kessel-Lo inderdaad heel wat te doen was/is over de ontbrekende informatie over de toekomstige verkeersafwikkeling rondom de 'gigantische bouwwerf die Tobback patroneert' moet hem ontgaan zijn ofwel uit het hoofd gepraat door Deng Louis zelf.

Pauli lost even het pedaal nadat de zin 'En natuurlijk is in Leuven niet alles perfect' aankondigt dat de journalist best wel pro van contra kan onderscheiden.

Na een tiental regels regels relativering van Tobback's goddelijke status, komt Pauli weer op dreef met een beschrijving van het 'huzarenstukje' waarmee Tobback Leuven in handen kreeg (verwijzend naar de verkiezingen van '95). Terecht komt hij uit bij het geklungel van de toenmalige CVP. Jammer dat hij niet verder in de tijd ging en het verhaal opdook van Paul Devlies, vader van, die zijn stemmen kocht onder de CVP leden, om zo de interne strijd voor de bezetting van de kieslijst te winnen.  Doorgaans is Pauli goed in het ophalen van de geschiedenis om de dag van vandaag te verklaren.

Enfin, om ons niet verder te vermoeien, na twee bladzijden lezen we in het artikel 'als deze krant meer pagina's had, zouden die moeiteloos opgevuld kunnen worden met méér opsommingen, méér plannen, méér uitgevoerde werken'. De woorden Petit Napoléon en Louisville aan de Dijle die daarna nog vallen, zijn dan al overbodig.  Louis Pauli had zijn denkbeeldige standbeeld allang opgericht en daarmee was de opening van M een succes voor het stadsbestuur, de gemeenteraad en de hele stadsbevolking.

Oh ja, twee dagen later stond Tobback nog op het eerste blad van HLN terwijl hij zogezegde steelse blikken werpt op het achterste van de prinsessen M en M tijdens de opening van M. Wie goed kijkt, ziet dat de commentaar bij de foto ver gezocht is, maar Louis stond wel weer mooi op het eerste blad.  Weer een huzarenstukje erbij.