Leuven wordt een klimaatneutrale stad
Het klimaatdebat in Leuven vertrok vanuit een duidelijke vraagstelling: wil Leuven een ambitieus klimaatbeleid voeren en klimaatneutraal worden tegen 2030? Het antwoord werd al snel gegeven door schepen Mohamed Ridouani (SP-A) en werd op applaus onthaald.
De aftrap
De gekende klimaatkenner Peter Tom Jones (KULeuven) gaf een inleiding waarin hij benadrukte dat de manier waarop we vandaag leven onhoudbaar is. Zonder omwegen was de boodschap dat we vandaag met 7 miljard mensen al ruim de ecologische grenzen van onze planeet overschrijden. Het wordt pure zelfmoord indien we dit aanhouden voor een wereldbevolking van 9 miljard, een aantal dat voorspelt is voor de nabije toekomst.
Jones vind dat de bestrijding van de klimaatverandering vooral een kwestie is van overleven en van een andersoortige economie. De omslag naar een groene economie heeft ook andere grondstoffen nodig zoals bijvoorbeeld kobalt, maar geen enkele van de 14 cruciale grondstoffen voor de groene economie zijn van nature aanwezig in Europa. We hebben er dus het grootste belang bij om onze materialenkringlopen te sluiten en van een lineaire naar een kringloopeconomie te evolueren.
Jones stelt nog weinig hoop op veranderingen door middel van internationale klimaatconferenties, maar ziet wel inspanningen die beginnen bij steden, landen, organisaties, bedrijven. Hij toonde zich verheugd door de recente ondertekening van de stad Leuven van het burgemeestersconvenant. Maar ook Leuven kan nog een stap verder gaan. Ze kan het engagement aangaan om ook klimaatneutraal te worden en netto geen broeikasgassen meer te produceren. De provincie Limburg, maar ook de stad Gent gelden op dat vlak als goede voorbeelden.
De daad bij het woord
Jones verraste door Mohamed Ridouani uit te dagen om werk te maken van een klimaatneutraal Leuven 2030. De Leuvense schepen aarzelde niet en tekende de intentieverklaring die Peter Tom Jones voorlegde. In die verklaring is sprake van een samenwerking met de KUL voor een onderzoek over Leuven als Smart Energy City. Daarnaast zou de stad een partnerschap aangaan met het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld om haar klimaatambitie waar te maken.
Het daaropvolgende debat kon zich concentreren op de vraag hoe een stad of regio klimaatneutraal kan worden. De Limburgse deputé Frank Smeets (CD&V) deed uit de doeken hoe zijn provincie dit aanpakte. Enkele stelregels zijn het onderbouwen van maatregelen met cijfers en het betrekken van de bedrijven, maar ook van alle inwoners. 'Alle Limburgers moeten eigenlijk klimaatambassadeur zijn'.
De deputé verklaarde de ongeziene ambitie van Limburg om al in 2020 klimaatneutraal te zijn door alle andere streven te beschouwen als maar een tussenstap. Klimaat neutraal worden, is het enige juiste.
Om zijn doelstelling te halen wil Limburg ondermeer visionaire technieken omarmen die op termijn nieuwe oplossingen zullen bieden. Ze trachten hun plan ook kostenneutraal te houden.
Vanwege de bedrijven nam Jo Vandenbergh het woord, de CEO van Ertzberg en het project Twee Waters. Hij zag pas een kans op slagen voor grote klimaatambities indien investeerders en bedrijven zicht krijgen op de financiële haalbaarheid. Hij kwam op de proppen met een voorstel voor een ruimtelijk energieplan waarin ondermeer zou opgetekend worden waar er in de stad energieverliezen bestaan en op welke manieren deze energie kan aangewend worden. Hij gaf daarvoor het voorbeeld van het warme water van 50° C dat 24 uur/dag geloosd wordt door brouwerij Inbev: nutteloze en verloren warmte die waardevol is voor andere gebruikers.
Een dergelijk energieplan, aldus Vandenbergh, kan de basis zijn om kansen op energiebesparing op te sporen. Ze kan ondernemers over de streep trekken op basis van winstvoorspelling want met goodwill alleen kunnen bedrijven niet aan de slag.
Als vertegenwoordiger voor het Leuvense middenveld kondigde David Dessers het tweede Leuvense Klimaatforum aan voor 12 november 2011. Niet de vraag of Leuven een klimaatbeleid wil voeren zal er bovenaan op de agenda staan. Na vandaag is de vraag eerder hoe de klimaatneutrale stad gemaakt kan worden.
Daarnaast drong Dessers aan op aandacht voor de bestrijding van sociale uitsluiting na toepassing van nieuwe milieunormering. "Een klimaatplan dat de sociale toets niet doorstaat, zal niet het nodige draagvlak vinden bij de bevolking."
Deze stelling werd bijgetreden door de andere panelleden. Schepen Ridouani had kritiek op de Vlaamse subsidies voor zonnepanelen, volgens het Leuvense bestuur zijn die asociaal. De toepassing van milieumaatregelen op het huishoudniveau voor armere groepen, organiseert Leuven ondermeer via de nieuwe vzw Pendule. Die geeft renteloze leningen voor de renovatie van huizen en een actieve begeleiding.
Ook in Limburg wordt er samengewerkt met bedrijven uit de sociale economie voor projecten als klimaatwijken en energiesnoeiers die zich richten op bescheiden woonwijken.
Een andere manier om hiermee om te gaan is, aldus Sarah Van Dyck (Bond Beter Leefmilieu), om kosten van renovaties te bekijken op langere termijn: zij verdienen zichzelf dubbel en dik terug.
Van Dyck prees op het einde de ambitie van Leuven ivm haar klimaatbeleid en betoogde dat de stad al de ingrediënten in huis lijkt te hebben: ze is overtuigd van het belang van co-eigenaarschap met bedrijven en inwoners, ze wil samen een systeemaanpak uittekenen op basis van een nulmeting, en ze kan hiervoor samenwerken met de KUL en hogescholen.
Ze kiezen met het hart, om hun verstand te gebruiken, vatte de moderator van MO* John Vandaele samen.
Niet te hard jubelen
De vragenronde uit het publiek leverde kritische bedenkingen. Dessers zette de deur op een kiertje door te opperen dat de beloftes voor een klimaatbeleid wellicht niet toevallig komen op het moment dat verkiezingen stilaan in zicht zijn. Ridouani sprak dit ferm tegen, ondermeer door melding dat het pas ondertekende 'burgemeestersconvenant' voor een vermindering van de uitstoot met 20%, door een grote meerderheid van de partijen werd gesteund tijdens de stemming in de gemeenteraad. "Leuven doet al veel, en al langer dan vandaag. Ze legt de lat heel hoog voor zichzelf."
Zijn de grote aantallen nieuwe gebouwen die in Leuven verrijzen wel aangepast aan de energienormen van de nabije toekomst, wou het publiek weten. Of moeten die binnenkort weer gerenoveerd worden indien nieuwe normen gelden?
Vandenbergh antwoorde met stelling dat een bouwproces vele jaren duurt, en dat de energienormen voor gebouwen kunnen veranderen tussen begin en einde van dat proces. Hij zag het probleem vooral bij het gebrek aan visie en kennis bij de verzamelde Belgische architecten. Zij zouden een holistische visie op bouwen moeten durven omarmen en rekening moeten houden met alle omgevingsfactoren.
De inleidende presentatie van Peter Tom Jones is terug te vinden op zijn website:
http://www.petertomjones.be/images/jones_leuven_klimaatneutraal_mei_2011_website.pdf



Mobiliteit.
Een facet dat ik hier volkomen mis, is een duurzame mobiliteit. 'Liveable cities' worden vooral gemaakt door de ruimte terug te geven aan de inwoners, en niet aan hun blikken dozen. Leuven heeft nochtans een ideale grootte om je verplaatsingen te voet of met de fiets te doen, en het autoverkeer nog sterk af te bouwen.
Leuven staat bovendien op de eerste plaats betreft woon-werk fietsverkeer, en toch slaagt het stadsbestuur er niet in deze prestaties te verzilveren. Alle auto's vervangen door elektrische exemplaren is zeker geen oplossing, er moet vooral minder rondgereden worden met deze auto's. Het wordt tijd dat het stadsbestuur eindelijk openlijk de kaart trekt voor voetgangers en fietsers als duurzaamste vervoersmodi, in plaats van alles in bus- en autoverkeer te investeren.
Zonder daadkrachtig engagement blijft dit toch naar een verkiezingsstunt ruiken.