Tobback haalt zwaar uit herziening decreet op ruimtelijke ordening
De Leuvense burgemeester Louis Tobback heeft maandag zwaar uitgehaald naar de aanpassingen die de Vlaamse overheid net voor de verkiezingen heeft aangebracht aan het decreet op de ruimtelijke ordening en die op 1 september van kracht worden. Verwijzend naar de slechte kwaliteit van wetgeving, de laattijdige bekendmaking en ontbreken van talrijke uitvoeringsbesluiten bestempelde Tobback dit werkstuk als "knoeiboel" en "slecht bestuur".
Tobback wees er onder meer op dat de raad voor vergunningen die de beroepen tegen beslissingen over bouwaanvragen moet behandelen nog niet samengesteld is en beroep aantekenen dus nog niet mogelijk. Door het feit dat de wet pas gepubliceerd werd 12 dagen voor hij in werking treedt weet de burger in de praktijk ook niet wat hij mag en niet mag".Het is ook voor Leuven momenteel ook zeer moeilijk is om de ambtenaren op de betrokken diensten correct te informeren. Tobback vroeg zich af "hoe kleine gemeenten dat doen".
De slechte kwaliteit van de wetgeving vergroot volgens Tobback bovendien de rechtsonzekerheid en legt in de praktijk weer veel bevoegdheid bij de interpretaties van rechters. Tobback voorspelde ook dat de consultancy-bureaus aan het nieuwe decreet weer veel geld zullen verdienen. In tegenstelling tot het officiële Vlaamse beleidsstandpunt dat subsidiariteit op lokaal vlak bepleit haalt ook dit decreet Vlaanderen weer bevoegdheid weg bij de gemeenten. "Zo wil men zelf oordelen over vergunningen voor instellingen die men betoelaagt. Wat heeft dit nu met ruimtelijke ordening te maken?", aldus Tobback.
Tobback vergeleek de snelheid waarmee de Vlaamse overheid deze decreetaanpassingen goedkeurde met de jarenlange inspanningen die Leuven deed om haar algemene bouwverordening op te stellen. Het eerste deel van deze verordening wordt vanavond in de gemeenteraad goedgekeurd. De stad wil hierin alle gemeentelijke verordeningen bundelen tot één algemene en regels die al lang werden toegepast hierin opnemen. Tevens worden nieuwe voorwaarden opgelegd aan de kwaliteit van woningen. Zo wordt voor leef- en slaapruimten een minimale hoogte bepaald, een minimale daglichttoetreding opgelegd en dergelijke.


