Spookrijder
Leuvense journalisten worden heden ten dage privé bestookt met vragen over de opgravingen aan het Fochplein. De dissectie van het Leuvense stadshart op deze plaats spreekt enorm tot de verbeelding. Een van de gehuchten in het prille middeleeuwse Leuven situeerde zich op deze plaats. Ook op historische kaarten (Ferraris, Van Deventer...) is te zien dat er hier eeuwen terug bebouwing was. Nadat in 1837 de huidige Bondgenotenlaan werd aangelegd werd deze trouwens pas in 1863 doorgetrokken naar de Grote Markt. Het plein zelf werd pas aangelegd na de door de Duitsers aangestoken brand in 1914.
De opgravingen bieden dus een unieke kans om meer te weten te komen over de geschiedenis van Leuven, een opportuniteit die zich pakweg slechts 1 keer om de 100 jaar voordoet. De uithaal van Tobback naar de archeologen en de Vlaamse regelgeving die het Leuvense stadsbestuur hiertoe verplichten is dus misplaatst. Beslissingen over dergelijke opgravingen kan men niet overlaten aan het goeddunken van een lokaal bestuur. Vraag is of de kostprijs telkens volledig moeten gedragen worden door de bouwheer. Het kostenplaatje voor het Leuvense stadsbestuur loopt in dit geval op tot 500.000 euro. Het is anderzijds goed te herinneren dat Leuven voor de heraanleg van dit Fochplein 1,2 miljoen euro Europese subsidie krijgt en nog eens 202.546 euro Vlaamse subsidies. Met zijn zwaar gefoeter op de archeologen doet Tobback eens te meer denken aan "die spookrijder die denkt dat allen anderen fout zijn".


